Arabisch via MailGratis aanmelden

Les 4 · Beginner

Op het stationفِي الْمَحَطَّة

Korte zinnen, één werkwoord per zin.

Oefen deze les

Tik op een regel voor de vertaling.

١ — Beschrijvingالْمَحَطَّةُ الْكَبِيرَةُ

0:000:00
YouTube

الْمَحَطَّةُ كَبِيرَةٌ وَنَظِيفَةٌ.Het station is groot en schoon.

الرَّصِيفُ الثَّانِي طَوِيلٌ جِدًّا.Het tweede perron is heel lang.

الْمُسَافِرُونَ يَنْتَظِرُونَ عَلَى الرَّصِيفِ.De reizigers wachten op het perron.

السَّاعَةُ الْكَبِيرَةُ عَلَى الْجِدَارِ.De grote klok hangt aan de muur.

الشُّبَّاكُ مَفْتُوحٌ، وَأَمَامَهُ رَجُلٌ.Het loket is open, en ervoor staat een man.

الرَّجُلُ يَشْتَرِي تَذْكِرَةً.De man koopt een kaartje.

حَقِيبَةُ الْمُسَافِرِ ثَقِيلَةٌ.De tas van de reiziger is zwaar.

الْقِطَارُ يَصِلُ فِي السَّاعَةِ التَّاسِعَةِ.De trein komt om negen uur aan.

الرِّحْلَةُ تَبْدَأُ بَعْدَ قَلِيلٍ.De reis begint over een tijdje.

الْمَحَطَّةُ مَكَانٌ وَاسِعٌ وَمُزْدَحِمٌ.Het station is een ruime en drukke plaats.

٢ — Dialoogعَلَى الرَّصِيفِ

0:000:00
YouTube

مَرْيَمُ: صَبَاحَ الْخَيْرِ يَا سَالِمُ.Maryam: Goedemorgen, Sālim.

سَالِمٌ: صَبَاحَ النُّورِ يَا مَرْيَمُ. أَيْنَ الرَّصِيفُ الثَّانِي؟Sālim: Goedemorgen, Maryam. Waar is het tweede perron?

مَرْيَمُ: هُوَ هُنَاكَ، بَعْدَ السَّاعَةِ الْكَبِيرَةِ.Maryam: Dat is daar, voorbij de grote klok.

سَالِمٌ: شُكْرًا. هَلْ وَصَلَ الْقِطَارُ؟Sālim: Dank je. Is de trein aangekomen?

مَرْيَمُ: لَا، لَمْ يَصِلْ بَعْدُ.Maryam: Nee, hij is nog niet aangekomen.

سَالِمٌ: وَمَتَى يَصِلُ؟Sālim: En wanneer komt hij aan?

مَرْيَمُ: فِي السَّاعَةِ التَّاسِعَةِ.Maryam: Om negen uur.

سَالِمٌ: أَيْنَ أَشْتَرِي التَّذْكِرَةَ؟Sālim: Waar koop ik het kaartje?

مَرْيَمُ: اِذْهَبْ إِلَى الشُّبَّاكِ هُنَاكَ.Maryam: Ga naar het loket daar.

سَالِمٌ: شُكْرًا لَكِ. حَقِيبَتِي ثَقِيلَةٌ، وَالْمَوْعِدُ قَرِيبٌ.Sālim: Dank je wel. Mijn tas is zwaar, en het tijdstip is dichtbij.

٣ — Verhaalالتَّذْكِرَةُ فِي الْجَيْبِ

0:000:00
YouTube

ذَهَبَ خَالِدٌ إِلَى الْمَحَطَّةِ مُبَكِّرًا.Khālid ging vroeg naar het station.

حَمَلَ حَقِيبَتَهُ الثَّقِيلَةَ.Hij droeg zijn zware tas.

وَقَفَ أَمَامَ الشُّبَّاكِ وَاشْتَرَى تَذْكِرَةً.Hij ging voor het loket staan en kocht een kaartje.

وَضَعَ التَّذْكِرَةَ فِي جَيْبِهِ.Hij legde het kaartje in zijn zak.

جَلَسَ عَلَى مَقْعَدٍ وَانْتَظَرَ الْقِطَارَ.Hij ging op een bank zitten en wachtte op de trein.

وَصَلَ الْقِطَارُ فِي الْمَوْعِدِ.De trein kwam op tijd aan.

دَخَلَ خَالِدٌ مُسْرِعًا وَجَلَسَ قُرْبَ النَّافِذَةِ.Khālid stapte haastig in en ging dicht bij het raam zitten.

سَأَلَ الْمُوَظَّفُ عَنِ التَّذْكِرَةِ.De conducteur vroeg naar het kaartje.

بَحَثَ خَالِدٌ فِي جَيْبِهِ وَوَجَدَهَا.Khālid zocht in zijn zak en vond het.

اِبْتَسَمَ وَنَظَرَ إِلَى الطَّرِيقِ الطَّوِيلِ.Hij glimlachte en keek naar de lange weg.

٤ — Ik-tekstرِحْلَتِي كُلَّ أُسْبُوعٍ

0:000:00
YouTube

أَنَا أُسَافِرُ بِالْقِطَارِ كُلَّ أُسْبُوعٍ.Ik reis elke week met de trein.

أَخْرُجُ مِنْ بَيْتِي مُبَكِّرًا.Ik ga vroeg mijn huis uit.

أَحْمِلُ حَقِيبَتِي الصَّغِيرَةَ.Ik draag mijn kleine tas.

أَصِلُ إِلَى الْمَحَطَّةِ قَبْلَ الْمَوْعِدِ.Ik kom voor het tijdstip bij het station aan.

أَشْتَرِي تَذْكِرَتِي مِنَ الشُّبَّاكِ.Ik koop mijn kaartje aan het loket.

ثُمَّ أَقِفُ عَلَى الرَّصِيفِ وَأَنْتَظِرُ.Daarna ga ik op het perron staan en wacht ik.

أَنْظُرُ إِلَى السَّاعَةِ الْكَبِيرَةِ.Ik kijk naar de grote klok.

يَصِلُ الْقِطَارُ، فَأَدْخُلُ وَأَجْلِسُ.De trein komt aan, en ik stap in en ga zitten.

أُحِبُّ الرِّحْلَةَ لِأَنَّ الطَّرِيقَ جَمِيلٌ.Ik houd van de reis omdat de weg mooi is.

أَقْرَأُ كِتَابِي فِي الطَّرِيقِ حَتَّى تَقْرُبَ مَحَطَّتِي.Ik lees onderweg mijn boek totdat mijn station dichtbij komt.

٥ — Weetjesالْقِطَارُ وَالْمَحَطَّةُ

0:000:00
YouTube

الْقِطَارُ وَسِيلَةٌ سَرِيعَةٌ لِلسَّفَرِ.De trein is een snel middel om te reizen.

فِي كُلِّ مَدِينَةٍ كَبِيرَةٍ مَحَطَّةٌ.In elke grote stad is een station.

فِي بَعْضِ الْمَحَطَّاتِ عِشْرُونَ رَصِيفًا.In sommige stations zijn twintig perrons.

يَقِفُ الْقِطَارُ فِي الْمَحَطَّةِ وَقْتًا قَصِيرًا.De trein staat korte tijd in het station.

الْمُسَافِرُ يَشْتَرِي تَذْكِرَةً قَبْلَ الرِّحْلَةِ.De reiziger koopt een kaartje voor de reis.

عَلَى التَّذْكِرَةِ رَقْمٌ وَمَوْعِدٌ.Op het kaartje staan een nummer en een tijdstip.

الْمَحَطَّةُ الْكَبِيرَةُ مَفْتُوحَةٌ فِي اللَّيْلِ أَيْضًا.Het grote station is 's nachts ook open.

بَعْضُ الْقِطَارَاتِ سَرِيعَةٌ جِدًّا.Sommige treinen zijn heel snel.

السَّفَرُ بِالْقِطَارِ مُرِيحٌ.Reizen met de trein is comfortabel.

تَسْتَغْرِقُ الرِّحْلَةُ الْقَصِيرَةُ سَاعَةً وَاحِدَةً.De korte reis duurt één uur.

Woordenlijst — Beginner (93)

الْمَحَطَّةhet station
مُبَكِّرًاvroeg
كَبِيرgroot
حَمَلَhij droeg
نَظِيفschoon
وَقَفَhij stond, hij ging staan
الرَّصِيفhet perron
اِشْتَرَىhij kocht
طَوِيلlang
وَضَعَhij legde
جِدًّاerg, heel
الْجَيْبde zak (van kleding)
الْمُسَافِرde reiziger
جَلَسَhij ging zitten
يَنْتَظِرwachten
مَقْعَدeen zitplaats, bank
السَّاعَةhet uur, de klok
اِنْتَظَرَhij wachtte
الْجِدَارde muur
دَخَلَhij ging naar binnen
الشُّبَّاكhet loket
قُرْبَdicht bij
مَفْتُوحopen
النَّافِذَةhet raam
أَمَامَvoor, tegenover
سَأَلَhij vroeg
رَجُلeen man
الْمُوَظَّفde beambte, conducteur
يَشْتَرِيkopen
بَحَثَhij zocht
تَذْكِرَةeen kaartje
وَجَدَhij vond
الْحَقِيبَةde tas, de koffer
اِبْتَسَمَhij glimlachte
ثَقِيلzwaar
نَظَرَ إِلَىhij keek naar
الْقِطَارde trein
الطَّرِيقde weg
يَصِلaankomen
يُسَافِرreizen
التَّاسِعَةnegen uur
أُسْبُوعeen week
الرِّحْلَةde reis, de rit
يَخْرُجnaar buiten gaan
يَبْدَأbeginnen
الْبَيْتhet huis
بَعْدَ قَلِيلٍover een tijdje
يَحْمِلdragen
مَكَانeen plaats
صَغِيرklein
وَاسِعruim
قَبْلَvoor (in tijd)
مُزْدَحِمdruk, vol
يَقِفstaan, gaan staan
صَبَاحَ الْخَيْرِgoedemorgen
يَنْظُرkijken
صَبَاحَ النُّورِhet antwoord daarop
يُحِبّhouden van
أَيْنَwaar
لِأَنَّomdat
الثَّانِيde tweede
جَمِيلmooi
هُنَاكَdaar
يَقْرَأlezen
شُكْرًاdank je
كِتَابeen boek
هَلْvraagpartikel
حَتَّىtotdat
وَصَلَhij kwam aan
أَيْضًاook
لَمْ يَصِلْ بَعْدُhij is nog niet aangekomen
وَسِيلَةeen middel
مَتَىwanneer
سَرِيعsnel
اِذْهَبْga (gebiedende wijs)
السَّفَرhet reizen
إِلَىnaar
مَدِينَةeen stad
الْمَوْعِدhet tijdstip, de afspraak
بَعْضsommige, een deel van
قَرِيبdichtbij
عِشْرُونَtwintig
ذَهَبَhij ging
وَقْتtijd
قَصِيرkort
رَقْمeen nummer
اللَّيْلde nacht
مُسْرِعًاhaastig
مُرِيحcomfortabel
تَسْتَغْرِقduren, in beslag nemen
وَاحِدَةéén
كُلّelk, ieder
يَقْرُبdichtbij komen

Deze les op een ander niveau

Zelfde onderwerp, zelfde woorden, andere zwaarte. Je hoeft je niet opnieuw aan te melden en je abonnement verandert niet.

Deze lessen zijn en blijven gratis

Er zit software onder die elke maand geld kost. Vind je het waardevol?

Trakteer ons op een koffie

Alle lessen